Wielerkoorts deel 2

My first climb …


Waar waren we ook alweer gebleven? Weet niet welke goeroe binnen het wielrennen het ooit gezegd heeft, maar het schijnt dat klimmen aangeboren is. Heeft grotendeels met je spiervezels te maken.

Dit wist ik natuurlijk nog niet toen ik aan mijn voorbereidingen voor de Cauberg Clinic begon….Krap een maandje te gaan en de zenuwen gierden al door mijn lichaam heen. Nee, niet alleen omdat ik bang was dat ik de afstand van 78 km. niet aankon, maar ook zeker enige spanning voor de groepsindeling. Stel je voor dat je in het groepje bij je grote held komt. Ja, Boogerd was toen in mijn ogen echt een hele grote. Ik spiegelde me ook met hem en winnen leek mij niet het belangrijkste. Dat je 300% geeft en dan net voor de finish moest sneuvelen, maar toch eigenlijk wel overduidelijk de sterkste in de koers was, dat deed me persoonlijk meer. Je kon gewoon altijd op Boogie rekenen. En je wist maar nooit, wie weet wint hij vandaag wel!

Minimaal drie keer per week zat ik op die p.kke tacx. Nou, eigenlijk vond ik het maar al te lekker. Binnen een uur had ik mezelf helemaal naar de kl.te gereden. Als voetballer vond ik het al geweldig als ik flink had afgezien, maar daar was de laatste jaren eigenlijk weinig meer van gekomen. Snap nu ook best dat veel wielrenners voetballers maar watjes vinden. Want wanneer zie je nou eigenlijk echt af bij een wedstrijdje van 90 minuten, waarbij je met 22 man achter 1 bal aanloopt? Binnen een half uur had ik op de tacx een meer voldaan gevoel dan na een hele voetbalwedstrijd. En het mooie was, je kon je ‘wedstrijd’ helemaal zelf indelen. Reken maar dat ik me flink heb afgebeuld in die paar weken voor the big game.

Met nog wel een bierbuikje en ongeschoren benen (wist ik veel) en met mijn geweldige vrouw (dat wist ik dan weer wel), vertrok ik richting Kerkrade. De dag ervoor een hotelletje geboekt. Wilde natuurlijk voldoende rust hebben voor de grote dag. Helaas hadden we toen nog geen navigatie in onze auto en viel het in het donker niet mee om midden in Kerkrade de weg te vinden….Na enige stress, stond al stijf van de adrenaline, en een paar keer (onnodig) uitvallen tegen mijn vrouw, vonden we toch onze overnachtingplaats. Goed eten schijnt heel belangrijk te zijn voor zo’n ‘monstertocht’. ’s Avonds dus aan de spaghetti en ’s ochtends kreeg ik geen hap meer naar binnen….Van (Teff) gelletjes etc. had ik nog nooit gehoord, dus een paar Isostarrepen moesten me vandaag gaan redden. In combinatie met twee Isostarbidonnetjes, dacht ik volledig geprepareerd te zijn.

Op naar het stadion van Roda JC waar alle deelnemers verzamelden en de start ook plaatsvond. Er deden toch wel zo’n mannetje of 200 mee en daar zaten in mijn ogen een hoop afgetrainde lijfjes tussen. Op basis van ervaring en kunde werd je in een groep ingedeeld. Ik wilde natuurlijk niet bij de ‘beginnelingen’ terechtkomen en had mijn inschrijfformulier enigszins in positieve zin bijgesteld. Kwam dus in een redelijke groep terecht…al werden we na een tijdje al weer ingehaald door de groep die achter ons gestart was. Dat lag overigens meer aan de ‘leider’ van die groep dan aan mijn metgezellen…Zoals ik in alles de competitie op zoek, kon Boogerd met zijn groep ook geen dagje rustig aan doen.

Mijn begeleiders van deze sublieme dag waren Maarten den Bakker, Bram de Groot en een Fin (bleek Jukka Vastaranta te zijn, maar die haakte na een tijdje af, aangezien hij geen woord Nederlands sprak en ook geen Engels …).  Boogerd had zijn groep in het ‘gareel’ gekregen en maakte er af en toe een soort van ploegenachtervolging van. Was dus niet gek dat we werden ingehaald, maar dat kriebelde wel….Als ik ergens niet tegen kan, is het wel tomeloos toezien hoe iemand anders me inhaalt…en dan zeker niet door een hele groep!

Er zaten een colletje of 8 in het programma. De op papier meest zware was de Keutenberg. De eerste kan ik me niet meer herinneren, maar weet wel dat het me makkelijk afging. In de groep ontstond wat competitie en ik voelde me al gauw op mijn plaats. Merkte op de 1e klim dat ik relatief makkelijk met de besten meekon, was immers thuis gewend om een ‘klimmetje’ met een hartslag van 185 op te rijden. Alles onder de 185 viel dus mee! Achteraf gezien beetje lullig wat ik daarna ging doen, maar ik begon maar een beetje te spelen met de ‘tegenstand’. Per klim liet ik ze iets verder uitlopen om er vervolgens genadeloos overeen te denderen. Ergste gevalletje was nog wel de beklimming bij Simpelveld. Dacht ik boven te zijn, loopt die klim nog een metertje of 100 vals plat door. Nadat de nummer twee en drie me voorbij reden, sprong ik op mijn fiets en met 1 grote sprint wist ik nog net als eerste boven te komen. Tja, je hebt gekken en je hebt mij…dat zullen zij ook wel gedacht hebben.

Maarten was ‘onder de indruk’ van mijn ‘optredens’, zeker nadat ik had gezegd dat ik maar net drie maanden aan het fietsen was. De spierkracht moest volgens hem dus wel van het voetballen komen…Ik had echter het afgelopen jaar geen bal (nou geen voetbal) meer aangeraakt. Het was gewoon mijn waanzinnige Spartaanse voorbereiding hield ik mezelf voor! Bij de Gulpenerberg moest ik van Maarten echt even alles geven. Hij was wel benieuwd waartoe ik in staat was. Mijn ego gestreeld knalde ik dat ding op. Hij liep iets langer door dan gedacht, maar had ruim een halve minuut voorsprong op de volgende…

Reed vervolgens de hele dag met mijn kop in de wind op de voorste rij. Vond dat een privilege voor de sterkste. Boogie deed dat immers ook altijd in zijn koers en ‘sparen’ stond ook niet in mijn woordenboek.. Wist ik veel dat die Cauberg Clinic ook daadwerkelijk ging om enkel de Cauberg..Daar lag een tijdswaarneming. Het beste was er al af toen ik daar aankwam, maar ach een keertje nog volle bak naar boven moest kunnen. Met een tijd van 2.07 had ik van alle deelnemers de 7e tijd. Missie gefaald dus…Baalde hier natuurlijk wel van toen ik de uitslagen achteraf zag. Ik wilde nu plotseling toch de winnaar zijn en niet de sterkste man in koers..Zal Boogerd dat ook altijd gedacht hebben?!

Als een echte voetballer bleef ik vervolgens veel te lang bij de douches na ouwehoeren. Ik zocht mijn vrouw op, in de veronderstelling dat de dag was afgelopen en wilde mijn ervaringen van deze dag graag aan haar kwijt. Zij is toch altijd diegene die mijn ‘hoogtepunten’ moet aanhoren (…en aanvoelen…), aangezien er nergens uit bleek dat juist IK die dag de sterkste was…Ik kreeg echter te horen dat er nog een buffet voor de deelnemers klaarstond.

Je weet wel, Spaghetti à la Kroon, Macaroni à la Freire etc. Smaakte overigens best! Liep de grote zaal in waar alle groepjes met hun begeleiders al rond hun tafeltje zaten. Voorin stond Hennie Kuiper en die was met Maarten den Bakker in gesprek..Nog geen flauw idee waar het over ging, liep ik gedachteloos richting ons tafeltje achterin. De woorden ‘meest opvallende was dat hij nog maar drie maanden fietst’ staan me nog bij. Maarten had mij opgedragen tot de meest opvallende renner van die dag! Er was namelijk niet alleen een prijs voor de snelste vrouw / man op de Cauberg, maar dus ook 1 voor de meest opvallende prestatie van de dag..Mijn ego was wel gelijk 1000% opgepoetst. Dacht vervolgens echt dat ik kon klimmen…

Toen Hennie me naar voren riep, vroeg hij o.a. naar mijn leeftijd. Met 28 jaar was ik natuurlijk al lang te oud om nog door te breken, maar wist wijs uit te brengen dat Ludo Dierckxsens ook pas op zijn 29e prof werd. Zat de hele winter vervolgens op een telefoontje te wachten, maar die winter bleef het helaas akelig stil vanuit het Rabokamp..

To be continued…

 

Reacties
Reactie van wim lexmond (09-12-2009, 01:05)
Leon, master verhaal. De idee dat je met 28 jaar al te oud bent om door te breken krijg ik op een avond niet verwerkt, voelt niet goed. Die akelige stilte van het Rabokamp intrigeert mij. Laten we eens horen hoe groen dat oranje front is, kunnen zie die fout van enkele jaren goed maken.
Reageren
Naam  *
E-mail
Bericht  *

De weersverwachting vandaag
weer buienradar »   vooruitzichten » twitter Cycloteam
Hoofdsponsor: